Mini-rösti met romige paddenstoelen en verse tijm
Een klein, knapperig aardappelkoekje met daarop zacht gebakken paddenstoelen, een vleugje room en verse tijm. Een warme, hartige amuse met een heerlijke geur uit de keuken.
Ingrediënten voor 8 amuses
-
200 g vastkokende aardappelen
-
150 g gemengde paddenstoelen
-
1 kleine sjalot
-
1 klein teentje knoflook
-
30 ml slagroom
-
1 kleine eidooier
-
1 theelepel bloem
-
20 g roomboter
-
1 eetlepel olijfolie
-
2 takjes verse tijm
-
Zout en versgemalen peper
Bereidingswijze
-
Maak de rösti. Schil de aardappelen en rasp ze grof. Knijp het overtollige vocht eruit met een schone theedoek.
-
Meng de geraspte aardappel met de eidooier, bloem, een beetje zout en peper.
-
Verhit de helft van de boter met een beetje olijfolie in een koekenpan.
-
Vorm acht kleine, platte aardappelkoekjes van ongeveer 4 cm doorsnede. Bak ze op middelhoog vuur aan beide kanten ongeveer 4–5 minuten, tot ze goudbruin, krokant en gaar zijn.
-
Bereid de paddenstoelen. Snijd de paddenstoelen klein. Snipper de sjalot en hak de knoflook fijn.
-
Verhit de overige boter en olijfolie. Fruit de sjalot kort aan, voeg de paddenstoelen toe en bak ze goudbruin. Voeg tegen het einde de knoflook en blaadjes tijm toe.
-
Schenk de slagroom erbij en laat kort inkoken tot de paddenstoelen licht gebonden zijn. Breng op smaak met zout en peper.
-
Maak de amuses op. Leg op elk klein bordje één aardappelrösti, schep er een kleine hoeveelheid paddenstoelen op en garneer met een blaadje verse tijm.